Onderzoek RIVM van 9 maart: COVID-19 is geen killervirus

Voorlopig geschatte overlijdensrisico was 0,5 %

 Door mr. Jeroen Pols

 ROTTERDAM – 17 juli 2020 –  Op 9 maart publiceerde het RIVM een onderzoek naar het verloop van de COVID-19-epidemie in de Chinese stad Shenzhen. De beleidsmakers wisten toen al dat het overlijdensrisico na een besmetting in het bereik lag van een griepvirus. Ook het gevaar op ernstige ziekte na een besmetting werd als “zeer klein” ingeschat. De vraag is waarom met deze kennis een paar dagen later heel Nederland op slot ging en de maatregelen tot vandaag voortduren.

Zeer klein overlijdensrisico

Tijdens de regelmatige persconferenties liet Rutte weten dat er nog weinig bekend was over het virus, ’50 % van de kennis, 100% van de besluiten’. Kan zijn, maar de helft van de beschikbare kennis was geen reden tot paniek. De kans op overlijden werd als zeer klein ingeschat op 0,5%. Dit getal was dus al vier maanden geleden bekend terwijl de Staat nog tijdens de behandeling van het kort geding op 25 juni weigerde om een indicatie te geven. Internationale studies komen inmiddels op een infection fatality rate van rond de 0,1%. De verwachting is dat dit getal nog aanzienlijk zal dalen.

Kleine kans ernstige symptomen

Het aantal mensen dat na een positieve test symptomen ontwikkelde, werd destijds ingeschat op minimaal 20% waarvan 9% ernstig. Dit blijkt uiteindelijk 900% lager te zijn. Ongeveer 1% van COVID-19-gevallen heeft een ziekhuisopname nodig. Bij griep ligt dit tussen de 1 en 2%. Het RIVM gaat er inmiddels vanuit dat het virus voor 98% van de bevolking geen gevaar vormt.

Geen handen schudden en thuis werken

Omdat destijds onbekend was hoeveel mensen vatbaar zouden zijn voor het virus, raadt het rapport maatregelen aan om de verspreiding te beperken. Daarmee kan de piekbelasting van de zorginfrastructuur controleerbaar blijven. Het rapport adviseert  in de eerste plaats de contacten te beperken met de mensen die een hoog risico op een ernstig verloop. Daarnaast raadt het rapport algemene maatregelen aan zoals het achterwege laten van handen schudden, verbeteren van handhygiëne, thuiswerken wanneer mogelijk en het afgelasten van bijeenkomsten en evenementen.  Een advies voor een volledige lockdown en social distancing ontbreekt.

Scholen niet sluiten

Het rapport voegt daar nog aan toe dat bij een griepepidemie ook het sluiten van scholen overwogen kan worden. In het geval van COVID-19 wordt dat weinig zinvol geacht omdat kinderen minder vatbaar lijken te zijn. Een paar dagen daarna besloot de regering toch tot een volledige sluiting van de scholen die meerdere maanden geduurd heeft.

Capaciteitstekort ziekenhuizen

Het onderzoek stelt dat Nederland een efficiënte infrastructuur voor zorgverlening heeft, met relatief weinig overcapaciteit. Bij het influenza seizoen 2017-2018 waren er echter capaciteitsproblemen in meer dan de helft van de Nederlandse ziekenhuizen. Bij een nieuwe infectie waarbij meer mensen vatbaar zijn, beschouwt het onderzoek een grootschalig zorgtekort als een reële mogelijkheid. Het verwachte capaciteitstekort van de IC’s is dus vooral ingegeven door het gevoerde politieke beleid.

Beleid maatregelen is onbegrijpelijk

Op 9 maart,  de dag van publicatie, adviseerde Rutte de Nederlandse bevolking om geen handen meer te schudden, extra handhygiëne, thuis te werken waar mogelijk en grote bijeenkomsten te vermijden. Deze maatregelen zijn in de toen bekende omstandigheden begrijpelijk.

Het was bekend dat het overlijdensrisico zeer klein was en dat het virus vooral een gevaar vormde voor ouderen en patiënten met onderliggende aandoeningen. Ook was bekend dat kinderen nauwelijks vatbaar zijn voor COVID-19. Het rapport adviseerde om de maatregelen in de eerste plaats te richten op de zwakkeren. Toch volgden enkele dagen later draconische maatregelen die heel Nederland plat legden. Een onderbouwing hiervan is nooit gegeven.

Terwijl de maatregelen van kracht bleven, is veel bekend geworden over de ontbrekende kennis. Ook hier uitsluitend geruststellende berichten. In het rapport werd nog gevreesd dat de zomer nauwelijks invloed zou hebben op het verloop van de epidemie. Dit is onjuist gebleken: het virus en de sterfte is nagenoeg verdwenen. Het aantal noodzakelijke ziekenhuisopnames is 800% lager dan aanvankelijk gedacht. Evenmin blijkt het grootste gedeelte van de bevolking niet vatbaar voor het virus.

Overigens is het de vraag waarom de onderzoekers destijds veronderstelden dat iedereen vatbaar zou zijn omdat dit een nieuw virus was. Coronavirussen zijn niet nieuw. De onderzoekers konden daarom vermoeden dat een groot deel van de bevolking niet vatbaar is. Bij de meeste virussen raakt niet meer dan 10 % van de bevolking besmet. Ook hadden de onderzoekers moeten weten dat coronavirussen seizoensgebonden zijn.

Doch zelfs als verdedigd kan worden dat op basis van dit onderzoek aanvankelijk een aantal maatregelen enige tijd te rechtvaardigen waren, dan nog hadden deze bij voortschrijdende inzicht opgeheven moeten worden. Het was immers al bekend dat COVID-19 geen killervirus was.

Met de kennis van nu bestaat er geen enkele rechtvaardiging voor een voortduren van de maatregelen. Laat staan om deze in een wet vast te leggen. De schade is nauwelijks te overzien. Deze loopt iedere dag verder op.

Onze beleidsmakers hebben iets uit te leggen.

Meer lezen

https://swprs.org/studies-on-covid-19-lethality/

https://www.ntvg.nl/artikelen/de-covid-19-epidemie-indammen-en-afvlakken/volledig

https://viruswaarheid.nl/informeren/antwoord-kamervragen-ifr-van-covid-19-ligt-tussen-032-en-100/

https://viruswaarheid.nl/medisch/waarom-covid-19-niet-thuis-hoort-in-de-eredivisie-van-enge-ziektes/

Meld je aan voor de nieuwsbrief