DutchEnglishFrenchGerman

Pleitnota hoger beroep

Gerechtshof ’s-Gravenhage Voorzieningenrechter

 

Maandag, 19 juli 2021

I n z a k e :

 

  1. Stichting Viruswaarheid.nl,
  2. Willem Christiaan Engel,
  3. Jeroen Sebastiaan Pols,

Geïntimeerden,

Advocaat:  mr. G. van de Corput

tegen

De Staat der Nederlanden (Ministerie van Algemene Zaken en Ministerie van Justitie en Veiligheid)

Appellant,

Advocaten: mr. R.W. Veldhuis en mr. J. Bootsma

Edelachtbaar hof,

Inleiding

Ik begon het pleidooi in eerste aanleg met een Duits citaat „Es gibt kein Recht ohne Freiheit, und es gibt keine Freiheit ohne Recht.“ Dat is waar deze zaak om gaat.  Het vonnis maakt veel duidelijk. Er is op dit moment geen recht noch vrijheid. De rechter heeft het recht gebogen en gebroken om een voor de Staat gewenste uitkomst te krijgen. Inmiddels zijn er nieuwe stukken openbaar waarmee de staat niet langer kan volhouden dat de maatregelen afgewogen en proportioneel zijn. Zoals ik hierna zal toelichten, bestaat er geen enkele rechtvaardiging voor een voortzetting van welke maatregel dan ook. De bewijzen stapelen zich op dat de pandemie een gigantische zwendel is.  Ik zal eerst ingaan op de eiswijziging en het protest van de landsadvocaat. Afsluitend ga ik nog in op de rol van de rechtspraak.

Eiswijziging en inbrengen stukken

Wij hebben afgelopen week een akte tot wijziging van eis en een aantal aanvullende producties in het geding gebracht. Dit betekent dat de vordering zich richt tegen zowel de gehele Tijdelijke regeling maatregelen COVID-19, het Tijdelijke besluit veilige afstand en Hoofdstuk Va van de Wet publieke gezondheid.

De Staat heeft hiertegen bezwaar gemaakt.

Het eerste bezwaar is dat de termijn van vier werkdagen niet gevolgd is. De Staat zou onredelijk in de verdediging geschaad worden. Hiermee zou de Staat een instantie ontnomen worden.

Dit bezwaar treft geen doel. Ik zal toelichten waarom.

De dagvaarding in eerste aanleg behandelt namelijk alle maatregelen. Onze stelling is juist dat alle maatregelen als geheel beoordeeld moeten worden. Een argument dat zowel de Staat als uw hof negeren. Daarnaast is uitgebreid betoogd dat Hoofdstuk Va onverenigbaar is met zowel het systeem van de Wet publieke gezondheid als de Internationale gezondheidsregeling. Ook is aangevoerd dat beide hoofdstukken geen toepassing vinden omdat er geen sprake is van een epidemie. Er is dus niets nieuws aangevoerd. De Staat heeft dus alle mogelijkheden gehad om op alle gronden verweer te voeren. En heeft dat ook gedaan.

Daarbij dient het hoger beroep er ook toe in eerste aanleg begane verzuimen te herstellen. Hiermee strookt niet dat het partijen niet vrij staat andere argumenten, feiten en gezichtspunten naar voren te brengen.

De Staat is dus niet geschaad in haar procesbelang.

De dagvaarding is dus opgesteld om een buiten effectstelling te vorderen van zowel de beide regelingen als Hoofdstuk Va. Om strategische redenen is de vordering aanvankelijk beperkt tot alleen de avondklok. Daarmee had de rechter de vordering kunnen toewijzen zonder dat hij gelijk alles van tafel hoeft te vegen. De drempel zou daarmee mogelijk lager zijn.

Een andere reden om voor de Tijdelijke regeling te kiezen is vanwege het toetsingsverbod van artikel 120 Grondwet. De Tijdelijke regeling mag getoetst worden aan artikel 103 Grondwet. Dit is met name van belang voor het tweede lid die alleen een afwijking toestaat van de genoemde grondrechten.

De situatie nu is gewijzigd ten opzichte van de behandeling in eerste aanleg. Er zij nieuwe bewijzen zijn waarmee de grondslag van alle maatregelen  onmiddellijk vervalt. Daarbij leidt ook toetsing van Hoofdstuk Va aan het EVRM tot hetzelfde resultaat.

Doordat de rechtbank de zittingsdag bepaalde op een datum dat de avondklok alweer vervallen was, hebben werd de vordering uitgebreid naar de gehele Tijdelijke regeling.  Hoewel na de afwijzing gelijk hoger beroep werd ingesteld, is de zitting zo laat gepland dat de meeste maatregelen uit de regeling inmiddels gewijzigd zijn.

Op deze manier lopen wij eigenlijk steeds achter de feiten aan. Het pakket van de overgebleven maatregelen in de Tijdelijke regeling in combinatie met de verplichting een veilige afstand te houden vormt overigens nog steeds een dusdanig flagrante inbreuk op elementaire vrijheden en mensenrechten dat deze vordering op zichzelf ook nog steeds spoedeisend is.

Daarbij komt dat de ministers de horeca vorige week onverwachts weer grotendeels dichtgooiden. In een situatie waarbij de ziekenhuizen leeg zijn en ook verder niets aan de hand is. Dit benadrukt nogmaals dat deze vergaande bevoegdheden misbruikt worden. Het is geen goed idee om de totalitaire bevoegdheden die Hoofdstuk Va biedt in de handen te leggen van deze mensen.

Om te voorkomen dat 17,5 miljoen mensen onderworpen blijven aan de grillen van een paar demissionaire ministers die naar believen vrijheden nemen en geven, moeten deze bevoegdheden en de maatregelen zelf met spoed buiten effect gesteld worden.

Verder wijs ik nog op de gang van zaken toen de voorzieningenrechter ons voor een keer wel in het gelijk stelde en de avondklok van tafel ging. Op dat moment zag uw hof ineens wel een enorm spoedeisend belang.  Van ons werd verwacht binnen vier uur opnieuw te verschijnen zonder de mogelijkheid ons voor te bereiden. Vervolgens volgde nog geen drie dagen later de inhoudelijke behandeling. De landsadvocaat heeft een team van zes man werken aan deze zaken. Die hebben wij niet. De Staat produceerde een dag later een memorie van grieven van tientallen pagina’s. Het hof vond het toen geen enkel probleem dat wij binnen anderhalve dag het verweer moesten voorbereiden.

Volgens artikel 1.7 van het Landelijk procesreglement bepaalt het hof welke passende gevolgen aan niet-nakoming verbonden worden, afhankelijk van de aard en de ernst het verzuim. Ik meen dan ook dat er geen enkele aanleiding bestaat om de bezwaren van de Staat te honoreren.

Aansluiting bij arrest Hof in eerdere avondklokzaak

Dan kom ik bij het volgende punt. Dat is de vraag of de voorzieningenrechter terecht aansluiting zocht bij het eerdere oordeel van het hof.

Dit is het vonnis dat het hof wees in het beroep van de staat. Het hof kwam met een arrest dat niet gemotiveerd is hoe zij tot haar oordeel kwam. Daarmee is geen oordeel gegeven over de beroepsgronden die tot een afwijzing van het beroep van de Staat hadden moeten leiden.

De rechter heeft zich hier overigens terughoudend op stellen met het terugvallen op dat arrest. Temeer daar het hier evident een onbegrijpelijk oordeel betreft. Het gaat hier over het toetsen van vrijheidsbenemingen die 17,5 miljoen mensen treffen. De rechtmatigheid daarvan moet elk moment opnieuw getoetst kunnen worden. Hier geldt het habeus corpus-beginsel. Zeker omdat er geen feitelijke rechtsgang meer open staat, zal een rechter in het geval van een gebrekkige rechtspleging bereid moeten zijn een hoger oordeel te negeren. En daarvan is hier evident sprake.

Uw hof kan overigens afwijken van een door uw instantie gewezen voorlopige voorziening. Dat is nu geen hogere rechter. Daarbij komt dat hier een toetsing ex nunc dient plaats te vinden. De evolutieve werking van het beroep staat eraan in de weg het verweer van de Staat te volgen.

Temeer daar het hof aantoonbaar een arrest gewezen heeft zonder de feiten te onderzoeken. Bij de beoordeling van de noodzaak en proportionaliteit is het hof verplicht om een eigen afweging op basis van de feitelijke omstandigheden te maken. Het hof mocht niet zomaar aannemen dat Nederland een jaar te maken heeft met een pandemie indien het tegendeel volgt uit de statistieken van het CBS en het RIVM, de Staat zelf dus. Dit geldt ook voor de overweging van het hof dat grote aantallen dodelijke slachtoffers zijn. Die blijken niet uit de cijfers. Het hof heeft evenmin gemotiveerd waarom de aangedragen statistieken niet tot een ander oordeel geleid hebben. Dit is overigens geen oordeel maar een onjuiste feitenvaststelling.

Ook handelt het arrest over de Wet uitzonderingstoestanden en de Wet buitengewone bevoegdheden burgerslijk gezag. Het arrest is daarop toegesneden waarbij afwijkende argumenten beoordeeld werden Deze procedure richt zich tegen de Tijdelijke regeling en de Wet publieke gezondheid..

Daarbij zijn er inmiddels gewijzigde feiten en omstandigheden.

Ten eerste blijkt dat raadsheer Tan-De Sonneville een welwillende opstelling tegenover de Staat heeft.

Dat vermoeden bestond natuurlijk al. De snelheid waarmee dit hof bereid was een onwelgevallig vonnis weg te poetsen, is legendarisch. Een onwelgevallig vonnis dat inhield dat de bevolking een weggenomen grondrecht terug zou krijgen. Dit op zichzelf geeft rechtvaardiging voor de vraag in hoeverre het hof nog onpartijdig en onafhankelijk is. Maar daar kom ik zo nog op terug.

Dat de totstandkoming van het vonnis stinkt, blijkt uit de e-mailwisseling van demissionair minister Grapperhaus.

Hieruit volgt dat de minister heel goed wist dat deze zaak juridisch wrakhout was. Een slagen van dit beroep zou afhangen van een rechter met een welwillende opstelling. Zonder deze welwillende rechter zou het oordeel dus in stand gebleven zijn.

Na bijna twintig rechtszaken heb ik een goede indruk wat deze welwillende opstelling betekent. Dat zijn rechters die het recht buigen en breken om tot een voor de Staat gewenst oordeel te komen.

Dit op zichzelf is al voldoende grond voor het slagen van de eerste grief. Daar komt nog bij dat sprake is van nieuwe feiten en omstandigheden.

Ten eerste is er sprake van een aanzienlijk tijdsverloop waarbij inmiddels sprake is van twee verlengingen van de Spoedwet. Tijdens het wijzen van het vonnis was dit niet bekend terwijl dit wel een belangrijke omstandigheid betreft. Proportionaliteit hangt immers ook af van de duur van grondrechtenbeperkingen.

Een ander nieuw feit is de maatschappelijke kosten en batenanalyse van ambtenaren van het ministerie van economische zaken die door een WOB-verzoek openbaar gemaakt is.

De ambtenaren stuurden dit rapport eind maart 2020 naar het kabinet. Hun conclusie laat niets aan duidelijkheid over. De maatschappelijke kosten en de schade aan de volksgezondheid van de “intelligente lockdown”  waren zo groot dat deze de gezondheidsschade door COVID-19 overschaduwde. Een afweging werd zelfs overbodig geacht. Ik kom hier dadelijk nog op terug.

Het belang van deze analyse is dat uit stukken van de Staat zelf blijkt dat de maatregelen volstrekt disproportioneel zijn. Daarmee staat vast dat de Staat een evident onjuiste keuze maakte. Dit was in eerste aanleg nog niet bekend. Zoals hiervoor al gezegd, dient u ex nunc te toetsen. Daarmee is ook dit een nieuwe omstandigheid die tot herziening van het vonnis noodzaakt.

 Waarom moeten de Tijdelijke regelingen en Hoofdstuk Va Wpg buiten effect gesteld worden?

 Dan kom ik nu bij de kern, namelijk de vraag waarom de Tijdelijke regelingen en Hoofdstuk Va buiten effect gesteld moeten worden.

Hiervoor zijn meerdere gronden die ieder op zichzelf tot toewijzing van de vorderingen dient te leiden.

Als eerste licht ik toe dat in tegenstelling tot het vonnis er wel degelijk sprake is van een afwijking van grond- en mensenrechten. Verder is Hoofdstuk Va onverenigbaar met het systeem van de Wet publieke gezondheid. Als laatste ga ik in op het ontbreken van elke rechtvaardiging of grondslag voor welke maatregel dan ook.

Om te beginnen de grieven die draaien rondom artikel 103 Grondwet. Ons uitgangspunt is dat de Grondwet met deze bepaling voorziet in een systeem van buitengewone bevoegdheden in het geval van een uitzonderingstoestand. Dit betekent dat alleen na het uitroepen van een algemene noodtoestand afgeweken mag worden van bepaalde grondrechten. Dit is in overeenstemming met artikel 15 EVRM. Indien deze weg niet gevolgd is, dan zijn alle grondrechten onverkort van kracht.

De voorzieningenrechter oordeelde kort samengevat dat een artikel 15 EVRM en de Wet uitzonderingstoestanden niet van toepassing zijn. .

In de kern spitst de discussie zich toe op de vraag of er sprake is van een afwijking of van inperkingen die binnen de standaardclausuleringen vallen.

Hier is zonder twijfel sprake van een afwijking van grondrechten. Er is namelijk sprake van een opstapeling van grondrechteninperkingen van 17,5 miljoen mensen voor langere tijd. De vrijheidsbeperkingen worden opgelegd aan 100% van de bevolking om 1% te beschermen.

Dit betekent dat de vrijheden van de hele gezonde bevolking beperkt wordt voor een hele kleine groep. Bij de horizontale werking van grondrechten is juist het omgekeerde het uitgangspunt, namelijk dat de het proportioneel is om de vrijheid van misschien 1% beperkt kan worden om de rest van de bevolking te beschermen. Dat betekent dat als iemand een gevaarlijke besmettelijke ziekte heeft, hij gedwongen in isolatie geplaatst kan worden om de grote groep te beschermen. Dit is ook het uitgangspunt van Hoofdstuk V.

De maatregelen moeten verder in samenhang beoordeeld worden. Een opstapeling van vrijheidsrechten gaat op een bepaald moment over in een situatie waarbij officieel een algehele noodtoestand uitgeroepen moet worden. Ik heb hiervoor verwezen naar de uitspraken van het Europese Hof van De Tommaso vs Italy en Guzzardi vs Italy. Dit is in de dagvaarding in eerste aanleg uitgebreid onderbouwd. Ook dit argument is genegeerd door het hof.

Waar het hof en de voorzieningenrechter ook aan voorbij gingen, is het volgende. Als er van een heel pakket maatregelen er slechts één een afwijking vormt, dan is artikel 103 Grondwet voor alle maatregelen van toepassing. In de dagvaarding in eerste aanleg is het verbieden van groepsvorming en de schending van het eigendomsrecht door het sluiten van ondernemingen genoemd. Deze maatregelen maken deze rechten inhoudsloos. Dan is er sprake van afwijkingen. De Staat en ook de voorzieningenrechter negeerden ook dit argument.

Maar eigenlijk hoeft dit alles geen betoog. Wie de realiteit beziet, begrijpt dat Nederland onder het COVID-beleid geen vrij land meer is.

Een samenleving waar je beboet wordt als je na 22.00 uur buiten bent, mondkapjes moet dragen, winkels en bedrijven niet open mogen, scholen gesloten zijn,  mensen elkaar niet op minder dan 1,5 meter mogen naderen, groepsvorming verboden is, evenementen en culturele activiteiten verboden zijn dan wel een test verplicht moeten stellen, mensen moeten testen voordat ze terug mogen vliegen naar hun eigen land, het ’s avonds verboden is om alcohol te verkopen of bij zich te dragen, waar scholieren als ze wel naar school kunnen, zich moeten laten testen, mensen gedwongen tien dagen huisarrest krijgen indien ze in de buurt van een positieve test zijn geweest of terug komen van vakantie,  waar het verboden is een feestje te geven, waar het verboden is te zingen of muziek te maken, waar mensen in ziekenhuizen niet meer geholpen worden, waar ouderen eenzaam moeten sterven, waar ondernemingen aan de bizarste eisen moeten voldoen om klanten te mogen bedienen, waar het verboden is een sportschool te bezoeken, waar demonstraties verboden zijn, waar mensen hun medische gegevens moeten delen met restauranthouders en anderen, waar telecomdata gedeeld wordt met het RIVM, waar mensen met een app gevolgd worden, waar mensen die zich weigeren te laten injecteren minder rechten hebben, waar de persoonsgegevens van mensen die kritisch zijn tegenover het gevoerde beleid geregistreerd worden, waar afwijkende meningen gecensureerd worden en zo kan ik nog wel even doorgaan. Dit is een samenleving in een  staat van beleg verkeert. Alleen is er geen zichtbare oorlog.

Dit zijn de ingrijpendste rechteninperkingen sinds de Tweede Wereldoorlog. Deze lijst van vrijheidsbeperkingen is een schildering van een totalitaire staat. Dat gaat niet samen met het respecteren van vrijheden en mensenrechten.

Dan het volgende punt.

Hoofdstuk V van de Wet publieke gezondheid voorziet in alle bevoegdheden in het geval van een uitbraak van een virus met hoge besmettelijkheid en letaliteit. De bevoegdheden in dit hoofdstuk zijn bedoeld voor het bestrijden van virusziektes met een letaliteit van 15% voor SARS tot sommige ziektes zoals ebola tot 90%. De wet biedt afgewogen bevoegdheden tot het inzetten van dwangmiddelen om zieken en verdachte ziektegevallen eventueel gedongen te isoleren. Dit is afgestemd met de door het EVRM gestelde voorwaarden.

Voor het geval een ernstige virusziekte uitbreekt, was dus gewoon een regeling beschikbaar.

De vraag is waarom voor COVID-19 een apart Hoofdstuk Va is opgenomen met niet eerder vertoonde bevoegdheden. Want SARS stond namelijk ook al op Lijst A. Alleen heeft deze SARS een letaliteit van dertig keer hoger. En geen eigen hoofdstuk.

Want hoe gevaarlijk is SARS-Cov -2?

In maart 2020 tot mei 2020 spiegelde Jaap van Dissel de Tweede Kamer voor dat 19% van de mensen die geïnfecteerd raken, in het ziekenhuis belanden waarvan 5% op de ic.

Bij zulke getallen is het nog steeds de vraag of deze ziekte op lijst A thuishoort, maar dan kun je in ieder geval een serieus debat hebben.

Maar begin juni 2020  stelde Van Dissel deze percentages bij naar beneden.  Volgens de aangepaste inschatting belandde 1 tot 1,5% in het ziekenhuis. Dit is tot een factor 14 minder. De kans om op de ic te belanden werd verlaagd van 5% naar 0,35%. Dit is bijna een factor 15 lager. Daarmee waren in een keer 15 keer minder ic-bedden nodig.

 

 

Merkwaardig genoeg viel dit fantastische nieuws niemand op. De pers die al maanden angstporno verspreidde, ging gewoon door met angst en propaganda te verspreiden. De Kamerleden gingen door met het toejuichen van het kabinet en riepen in koor om nog meer vrijheidsbeperkingen. Terwijl dit toch reden was voor een mooi feestje. Nee, de COVID-trein rijdt gewoon door.

 Begin januari van dit jaar verlaagde Van Dissel de getallen nog verder. Volgens deze inschatting belandt nog maar 0,25% van de geïnfecteerde op de ic. Dat is bijna nog een derde minder benodigde ic-bedden. Toch bleef het ook nu weer stil. Dit was opnieuw een moment om gelijk met alle maatregelen te stoppen. Maar dat gebeurde niet.

De grote vraag is waarom toch nog een wetsvoorstel voor een Spoedwet aangenomen werd en waarom SARS-Cov-2 ook nog op Lijst A geplaatst werd. Op deze vraag ga ik zometeen nog in.

Want er is meer aan de hand. Alle maatregelen werden hoofdzakelijk gerechtvaardigd om het overspoelen van de ic’s te voorkomen. We doen het voor de zorg.

Maar ook daar blijkt het beeld heel anders dan de media en politiek ons een jaar lang heeft doen geloven.

Inmiddels zijn namelijk de cijfers over de ic-bezetting over 2020 bekend. Wat blijkt? Er zijn minder mensen opgenomen geweest dan in de zeven voorgaande jaren. Op basis van de cijfers van Van Dissel zelf is er geen enkel risico op een overbelasting van de zorg.

Dan de vraag of het kabinet misschien een onjuiste inschatting maakte? Konden zij niet voorzien dat de maatregelen tot catastrofale gevolgen zou leiden? Dat duizenden mensen zouden sterven als direct gevolg van de maatregelen? Dat de staatsschuld met 150 miljard zou oplopen? Dat de voordelen in het niet vallen bij de nadelen?

Jawel, dat wisten ze. Het kabinet had begin april de maatschappelijke kosten-batenanalyse van ambtenaren van het ministerie van economische zaken. Hun waarschuwing liet niets aan duidelijkheid te wenen over.  Er hoefde niet eens een afweging gemaakt te worden. Het vooruitzicht was catastrofaal.

De maatregelen zouden volgens de ambtenaren bij een waarschijnlijk veel te optimistische inschatting 25 duizend sterfgevallen voorkomen van patiënten met een zwakke gezondheid en een gemiddelde leeftijd van 82 jaar. De geraamde kosten per vermeden sterfgeval bedroegen bijna 10 miljoen euro terwijl daar een zeer beperkte levensverwachting tegenover stond.

De onderzoekers waarschuwen verder dat uitstel van reguliere zorg een ‘sluipmoordenaar’ kan zijn die potentieel meer levens raakt dan het coronavirus. Alleen al de toename van depressies en zelfmoorden zou duizenden mensenlevens kosten.

Het rapport komt tot een inschatting van een verlies van maar liefst 500 duizend gezonde levensjaren. Dit is volgens de analyse een flinke onderschatting omdat ook Nederlanders zonder psychische- of eenzaamheidsklachten een afname van hun kwaliteit van leven zouden ervaren. Dit alles los van de astronomische kosten. De staatsschuld zou met 150 miljard euro stijgen.  De kosten zijn volgens de analyse zo buitenproportioneel hoog dat een afweging tussen economie en gezondheid overbodig is.

En let op. Deze analyse ging nog uit van de eerste inschattingen van Van Dissel.

Weet u wat dit betekent?

Deze analyse ging er nog van uit dat 25.000 mensen zouden overlijden als gevolg van een tekort aan ic-capaciteit. Met de in juni aangepaste cijfers, waarmee het aantal maximaal benodigde bedden met een factor 16 verminderd is, zou voor iedereen plaats genoeg zijn geweest. Er is geen enkel leven gered door de maatregelen.

En dat is ook zo. De ic’s waren volgens de cijfers van het CBS leger dan ooit.  Er was dus geen tekort aan ic-bedden. Er was wel een crisis. Maar dat was het gevolg van ontwrichtende maatregelen waarbij personeel massaal in quarantaine gestuurd werd.

Het hoeft geen betoog dat de Staat onjuiste beleidskeuzes maakt. Een Staat heeft niet de vrijheid om de samenleving naar goeddunken schade toe te brengen.

Ten overvloede ga ik nog in op het argument van de Staat dat Hoofdstuk Va van toepassing zou zijn omdat de wetgever heeft bepaald dat SARS-Cov-2 een epidemie is. Een snel stijgend aantal zieken binnen een korte tijd is dus niet vereist. Het is een epidemie omdat de wetgever dat zegt. Dit is vreemd.

Als we kijken naar de cijfers van het NIVEL huisartspeilstations dan zijn we sinds week 23 van vorig jaar onder de epidemische grens van 50 ziektegevallen per 100.000 inwoners. Zo werd bepaald of er een epidemie is.

Nu bepalen politici dat. En dat op zichzelf is nog een grond voor de buitenwerkingstelling van Hoofdstuk Va. Het vaststellen of maatregelen nog noodzakelijk zijn moet afhangen van meetbare en objectieve criteria.

Als politici gaan bepalen hoelang onze vrijheidsbeperkingen nog voortduren omdat de epidemie volgens hen nog voortduurt, dan komen we hier nooit meer uit.

Dat geldt ook voor het criterium dat Hoofdstuk Va ingezet mag worden bij een dreiging van een epidemie va SARS-Cov-2. In dat geval zijn we afhankelijk van de voorspellingen van het OMT. Dan krijgen we de komende tien jaar het gehele alfabet aan mutanten.

Ook hier een argument dat genegeerd is. In de dagvaarding is aangevoerd dat nooit preventieve maatregelen genomen mogen worden waarbij grondrechten ingeperkt worden. Er moet sprake zijn van een acute dreiging. De deliberaties van het OMT over R-getallen en aantallen positieve testen zijn op zijn best een potentieel gevaar. Maar de voorspellingen zijn nog nooit uitgekomen.  Het is onaanvaardbaar om de vrijheid van 17,5 miljoen mensen af te laten hangen van dit soort orakels.

Samenvattend komt het er op neer dat het kabinet een beleid koos waarvan zij wist dat dit catastrofale gevolgen zou hebben. Waarbij duizenden doden als gevolg van dit beleid zouden vallen. Voor een virus dat minder gevaarlijk is dan een doorsnee griep. Tegelijkertijd heeft het parlement dit virus op Lijst A gezet en ingestemd met Hoofdstuk Va. En dit alles om te voorkomen dat de zorg niet overbelast raakt. Tegelijkertijd blijkt dat er minder ic-opnames waren dan de afgelopen jaren.

In Duitsland is afgelopen week een rapport gepresenteerd van een parlementaire commissie in de Bondsdag. [1] De vindplaats vindt u hieronder. Het betreft een data-analyse van de overbelasting van het gezondheidssysteem op de Duitse ic-afdelingen.

De resultaten zijn schokkend. Niemand weet hoeveel COVID-19-patiënten er op de ic’s waren afgelopen jaar. De data zijn gebrekkig door een onjuiste registratie. Zo werd geen onderscheid gemaakt tussen COVID-19-patiënten en patiënten die voor andere aandoeningen op de ic’s lagen maar een positieve test hadden. Het afrekensysteem was zo ingericht dat het fraude in de hand werkte. Er is gemanipuleerd met de cijfers. Ziekenhuizen gaven veel te veel COVID-19-patiënten en doden op. Hoeveel weet niemand.

Een wijziging in de financiering van de ic’s afgelopen jaar september had tot gevolg dat ziekenhuizen massaal ic-bedden afbouwden. Er verdwenen 12.000 ic-bedden in het jaar van de zwaarste pandemie ooit. Er is kunstmatig een tekort gecreëerd.

Maar de schokkendste conclusie is  dat het onderzoek concludeert dat de regering nooit rekening heeft gehouden met de mogelijkheid dat het systeem overbelast zou raken door een exponentiële groei van het aantal patiënten

Het is aannemelijk dat in Nederland hetzelfde aan de hand is. Alles wijst daarop.

Deze pandemie bestaat is een zwendel.

De bevolking wordt zonder enige rechtvaardiging door hun eigen leiders aan zinloze maatregelen onderworpen. Aan een niet eerder vertoonde propagandacampagne om de mensen te laten geloven dat we midden in een gevaarlijke pandemie zitten.

Het is duidelijk dat ook het parlement hierin meespeelt. Mocht u het debat over de plaatsing van SARS-Cov-2 op Lijst A gemist hebben, dan raad ik u aan dat te kijken. Slechts drie partijen vonden het de moeite dit debat bij te wonen. Maar ze stemden vervolgens wel allemaal voor plaatsing op Lijst A.

Het parlement is niet in staat onze grondrechten te beschermen. De Tweede Kamer zit vol met tassendragers. De meeste van hen weten niet eens wat de grondwet is. Waarschijnlijk denken zij dat je daar huizen op kan bouwen.

Een parlement en een regering die dit soort wetten aannemen voor een ziekte die vergelijkbaar is met de griep, die is niet bezig met volksgezondheid. Die is bezig met het installeren van een totalitaire staat.

Maar er is niet alleen iets mis met het parlement. De rechtspraak is niet veel beter. Hiervoor hadden we het al over rechters met een welwillende opstelling. Na bijna twintig zaken heb ik aardig door hoe het werkt. Mogelijk vraagt u zich af waarom wij toch steeds terug komen.

Ten eerste omdat dit binnen een rechtsstaat de enige  weg is die wij als burger hebben. Maar ook om de mensen te laten zien dat de rechtspraak stuk is. Net als de democratie niet meer functioneert. De volksvertegenwoordiging niet meer haar werk doet. Ten derde doen wij aan dossieropbouw. Onze zaken laten zien wat de rol van de rechtspraak is in deze crisis.

Die rol is weinig verheffend. De rechtspraak faciliteert en legitimeert de zwendel van het kabinet. Uitsluitend door de rechtspraak zitten wij nog steeds in deze situatie. We weten nu dat er rechters zijn met een welwillende houding.

Afgelopen jaar juni in onze zaak tegen de maatregelen vroegen wij de Staat om een kosten-batenanalyse te laten zien. Deze was er niet. De Staat stelde eenvoudig dat een afweging gemaakt werd en de maatregelen proportioneel waren. De voorzieningenrechter vond dat prima en wees onze vorderingen af.

Als de Staat de rechtspraak niet voorgelogen had en zij de gevraagde kosten-batenanalyse op tafel had gelegd, zoals zij had moeten doen, dan waren wij al meer dan een jaar van dit beleid verlost. En waarschijnlijk ook van dit kabinet.

En zo zijn er bijna twintig zaken die op eenzelfde manier liepen.

In de zaak tegen de PCR-testen wees u de vorderingen af. Ook vond u de historisch nooit eerder vertoonde propaganda rechtmatig. In strijd met de gebruiksaanwijzingen van de fabrikanten en de CE-markering vond u de test goed genoeg om bij gezonde mensen op jacht te gaan naar een virus. Om hun vrijheid te ontnemen. Om jongeren te terroriseren met schoolsluitingen. Om mensen de mogelijkheid te ontnemen naar Nederland terug te keren. Daarvoor draagt u mede de verantwoording.

De PCR-test is de basis van deze zwendel. Alles draait om deze test. De propaganda is noodzakelijk om dit beleid voort te zetten.

Ik ken uw situatie niet. Maar in Duitsland  heeft justitie bij meerdere rechters een inval gedaan omdat zij een voor de Staat onwelgevallig vonnis wezen. De woningen, kantoren en voertuigen van de rechters werden doorzocht. Prakijken die we vroeger alleen in Rusland verwachtten. Het gebeurt gewoon.

Ik zou me kunnen voorstellen dat dit Nederland ook druk uitgeoefend wordt op de rechtspraak. Het zijn rare tijden.

Dat kan.

Het kan ook zijn dat u uit overtuiging of ideologie uw ambt inzet om dit beleid te faciliteren.

Wat het ook is. Indien u zich door uw persoonlijke overtuiging dan wel door druk van bovenaf laat leiden, in beide gevallen dient u zich te verschonen.

Het wegnemen van fundamentele mensenrechten en vrijheden kan onder artikel 7 van het Statuut van het Internationale Strafhof als misdaden tegen de menselijkheid vervolgd worden. Een groep Franse juristen hebben tegen de Franse regering en andere verantwoordelijke instituten en ambten een klacht ingediend. Op grond van het negeren van de verdragsverplichtingen van artikel 15 EVRM.

Het constitutionele hof in Spanje oordeelde afgelopen week eveneens dat de maatregelen in Spanje onrechtmatig waren omdat deze alleen mogelijk waren bij een algemene noodtoestand. Dat is dezelfde casus als hier.

Iedereen die aan de planning of uitvoering meewerkt, kan verantwoordelijk gehouden voor alle gevolgen. Hiervoor bestaat ongeacht het ambt van de verdachte geen immuniteit.

Ik geef u dit ter overweging. Meer kan ik niet doen.

Ik zou de staat willen vragen op de verschillende hier aangehaalde punten te reageren. Bijvoorbeeld op de vraag waarom gekozen is voor een catastrofaal beleid terwijl de gevolgen bekend waren. Of waarom het beleid voortgezet is terwijl door Van Dissel de cijfers van potentiële ic-opnames met een factor 16 naar beneden gesteld werden. Of hoe het kan dat in de grootste pandemie van de eeuw de ic’s leger waren dan eerdere jaren. En hoe het zit met de fraude met doden en ic-opnames voor COVID-19 in Nederland.

Dan kunt daarna gelijk uitspraak doen.

Ik dank voor uw aandacht.

Download processtukken:

Pleitnota Pels alle maatregelen

Pleitnotitie hoger beroep

Memorie van antwoord Staat

Beroepsdagvaarding alle maatregelen def

Betekende dagvaarding

19_14-2_13-2-_ESV-Tom-Lausen-_Langfriste-Konsequenzen-data

WOB kosten baten analyse

 

[1] www.bundestag.de/resource/blob/850806/7bd14581e33890e68fe7d57ee67d4cbf/19_14-2_13-2-_ESV-Tom-Lausen-_Langfriste-Konsequenzen-data.pdf

Meld je aan voor de nieuwsbrief