Kabinet stuurt tijdelijke wet COVID-19 naar Tweede Kamer

Einde van de democratische rechtsstaat?

Geschreven door mr. Jeroen Pols

Minister De Jonge heeft het wetsvoorstel Tijdelijke wet maatregelen covid-19 aan de Tweede Kamer voorgelegd. Deze wet geeft de minister van volksgezondheid bevoegdheden om in de strijd tegen het virus grondrechten vergaand te beperken. De ‘Nieuwe Normaal’-wet moet op 1 juli 2020 in werking treden. Met deze wet wordt definitief afscheid genomen van onze democratische rechtsstaat. De wet beoogt de in noodverordeningen vastgelegde COVID-19-maatregelen een wettelijke basis en meer definitief karakter te geven. Op de onduidelijkheid van noodverordeningen bestaat veel kritiek. Ook ontbrak een wettelijke basis. Feitelijk is de bevolking afgelopen maanden aan regels onderworpen die niet afdwingbaar zijn. Er mag namelijk met noodverordeningen geen inbreuk op grondrechten gemaakt worden. Dit is wel op grote schaal gebeurd.

Met het ingediende wetsvoorstel worden de grondrechten van de bevolking in een niet eerder vertoonde omvang ingeperkt. Zo moet volgens het wetsvoorstel buiten de woning een veilige afstand gehouden worden tot andere mensen. Tot nu toe is dit 1,5 meter maar het RIVM kan deze afstand aanpassen. Ook mogen mensen zich niet in groepsverband ophouden en zijn evenementen verboden. De minister mag verder naar eigen inzicht inrichtingen sluiten, beroepen verbieden en hygiënemaatregelen voorschrijven voor het uitoefenen van beroepen en bedrijven. Zelfs thuis is de burger niet meer veilig. Behalve de bewoner zelf kunnen alle bezoekers met geweld uit de woning verwijderd worden. Ook kan de minister een bezoekverbod opleggen voor inwoners van verzorgingstehuizen en vormen van persoonsvervoer, onderwijs en kinderopvang verbieden of beperken.

Bij al deze overtredingen zijn beide partijen strafbaar: zowel degene die verantwoordelijk is voor het naleven van de voorschriften als de bezoeker. De straffen die de minister in het vooruitzicht stelt, zijn fors. Tot nu toe gold een geldboete van 390 euro voor overtreders. Deze wordt verhoogd naar 435 tot een maximum van 4.350 euro. Ook kan er tot twee maanden hechtenis opgelegd worden voor wetsovertredingen. In de wet zijn ook bijzonder opsporingsambtenaren aangewezen voor de handhaving. De geldingsduur van de wet is een jaar en kan steeds verlengd worden.

De Nederlandse Orde van Advocaten heeft in haar advies van 4 juni 2020 stevige kritiek geuit op het wetsvoorstel, maar concludeert droogjes dat “er nog een aantal aanpassingen nodig zijn”. Ook het College voor de Rechten van de Mens komt met een “aantal aandachtspunten”. De Raad van State is kritisch op het wetsvoorstel, maar erkent de noodzaak en “complimenteert de regering met de doortastende en succesvolle aanpak”. Inmiddels bestaat er in de huidige stand van de wetenschap een brede consensus dat het COVID-19-virus vergelijkbaar is met een stevige griepepidemie. Daarbij is het de vraag of het virus zich überhaupt nog wel in Nederland bevindt. In landen als Denemarken en Noorwegen zijn de maatregelen al geruime tijd opgeheven. Een tweede golf is uitgebleven. Een regering die met deze kennis dit wetsvoorstel indient, probeert geen virus te bestrijden maar de democratische rechtsstaat af te schaffen.

Meld je aan voor de nieuwsbrief